Categorieën
Kerk

[Commentaar] Kerkelijke denominaties laten karakter Jezus zien

Als de kerk volgens Jezus één moet zijn, moeten dan de verschillende denominaties hun eigen identiteit opgeven, in tegenstelling tot het juist versterken van de eigen identiteit? Voor velen is het grote aantal denominaties een teken dat de christenen zich onvoldoende gehouden hebben aan de oproep van Jezus in het hogepriesterlijk gebed geluisterd hebben. Ergens hebben zij daar gelijk in. Veel van de huidige denominaties zijn ontstaan uit conflicten, over theologische hoofd- en bijzaken en door persoonlijke vetes. Na verloop van tijd verdwijnen deze persoonlijke vetes, al is het maar omdat de direct betrokkenen overlijden. Theologische conflicten vervlakken. Zo volgde op de reformatie ook binnen de Rooms Katholieke Kerk een terugkeer naar de bijbel, die de contrareformatie genoemd wordt. Recenter zorgde de komst van de evangelische kerken voor meer nadruk op evangelische theologie en vormen in de traditionelere kerken.
Zo op het eerste gezicht is er dus alle reden om de denominaties op te heffen en terug te keren in de ‘moederkerk’. Maar er is meer dan alleen theologie. De verschillende denominaties hebben verschillende karaktertrekken: van stijfkoppigheid tot mildheid en van degelijkheid tot individualisme. Kerken die hun eigen kleur behouden, ondanks de heersende tijdgeest van dat moment. Het mag helder zijn dat in de verschillende denominaties ook verschillende identiteiten en bloedgroepen zijn. De kerk als geheel is heel divers.

‘Eenheid in verscheidenheid’ is een heel populair cliché. De verschillende denominaties, met hun karaktertrekken en gekkigheden, laten zien hoe groot de veelkleurigheid van God is.

Door Evert te Winkel

Initiatiefnemer van Vrijzinnig Evangelisch. Ooit een wat zurige bijna-ex-evangelische, inmiddels opbouwend-kritisch evangelisch. Probeert aardiger te zijn.

1 reactie op “[Commentaar] Kerkelijke denominaties laten karakter Jezus zien”

Ik zag dat je met Albert Vollbehr in discussie was. Boeiend om te volgen! O.m. door zijn schrijfsels ben ik teruggekeerd naar de katholieke Kerk. In mijn ogen is hij, maar ook bijv. een Harry Kuitert, een consequente denker.

Maar goed; éénheid en/in verscheidenheid. Het Christendom is een geloof van paradoxen en alleen werkelijke eenheid levert een werkelijke verscheidenheid op. De H. Drie-eenheid is wat dat betreft een goede synthese tussen het Oosterse gelijkheidsdenken en het Westerse vrijheidsdenken. De Persona zijn radicaal Anders en toch even radicaal in communio.

Om überhaupt tot een vorm van eenheid te komen, heb je duidelijkheid nodig over wat hoofdzaken zijn (wat Christus dus van ons verlangt), waar je het dus allemaal over eens moet zijn, en wat bijzaken zijn, waar de verscheidenheid juist een gezonde aanvuling is.

Als die duidelijkheid er niet is, dan kún je niet tot eenheid komen, wat voor de hand ligt, maar ook niet tot een werkelijke en gezonde verscheidenheid. Ik noem maar wat; hoedjes in de dienst, dooptheologie, het einde der tijden, evolutie enz. enz. Er wordt van ons gevraagd om dwaalleer buiten de deur te houden, maar ook om niet te muggeziften over kleinigheden en één te zijn. Als er geen duidelijke maatstaf is om die zaken uit elkaar te houden, dan krijg je een vlucht naar de flanken; óf alles wordt als dogma in beton gegoten (bevindelijk Gereformeerden) óf er is van alles mogelijk (PKN), d.w.z. ook dat laatste kent z’n grens, maar die grens is altijd arbitrair. Gezien de Christologie van sommige vrijzinnigen in de PKN, zou het oneerlijk zijn om hen wél lid te laten zijn van de PKN en Moslims niet.

Bovendien, en dat zou ik eigenlijk wat nader moeten uitwerken, hebben de postmodernen wel laten zien dat als je formele ‘dogma’s’ uit de weg ruimt, er geen werkelijke diversiteit ontstaat, maar een vorm van impliciet dogmatisch machtsdenken. Niet: “jij hebt ongelijk om die en die reden”, maar: “Jij hebt ongelijk omdat je een veroudert standpunt hebt, gemeen bent, en ook nog eens ziek in je hoofd”. 😉 Ik extrapoleer heb natuurlijk wat, maar toch zien we iets soortgelijks gebeuren in de oecumenische samenspraak tussen de PKN en de katholieke Kerk. In ‘Dominus Iesus’ had de Kerk nog maar weer eens bevestigd dat ze ‘Kerk-zijn’ (in objectieve zin) centreert rondom de zeven sacramenten. Protestanten hebben er over het algemeen maar twee (zelf vinden ze de doop en het Avondmaal sacramenten, de Kerk vind het Avondmaal bij de Protestanten geen geldig sacrament, maar het huwelijk dan weer wel, wat Protestanten dan weer niet vinden), dus zijn ze, in dat opzicht, slechts voor twee-zevende ‘Kerk’ in katholiek verstaan. Dat is een redelijk verhaal, waar je het ook heel redelijk met argumenten over oneens kan zijn. Zo was ook de ontvangst in Bevindelijk Gereformeerde kring, en ook in de rechterflank van de ‘kleine oecumene’ (NGK,GKv, CGK). Maar niet de leiding van de PKN, die was boos, boehoe, wij mogen geen kerk zijn.

Dus nu ja, het één en het ander moeten in balans zijn.