Categorieën
Cultuur Kerk

Geloven zonder consequenties

secularisatie, esther van maanen, kerkbezoekDat Nederland een geseculariseerd land is, is voor de meesten geen verrassing meer. In 1966 constateerde God in Nederland (een grootschalig onderzoek naar geloof in Nederland) al dat er sprake is van secularisatie en ontkerkelijking. Tijdens mijn eigen onderzoek in de Bethelkerk te Veenendaal bemerkte ik het gevolg: een deel van de jongeren daar komt vooral terecht bij de vrolijke en bemoedigende kanten van het geloof.

Esther van Maanen

Grote diversiteit
In de Bethelkerk kom ik drie verschillende categorieën jongeren tegen. Een klein gedeelte van de jongeren in de Bethelkerk gelooft niet meer. De historiciteit van de Bijbel roept teveel vragen en twijfels op en zij hebben God en kerk achter zich gelaten.

Het grootste gedeelte van de jongeren in de Bethelkerk gelooft wel: het geloof in God is belangrijk voor hen. Zij duiden hun geloof als een relatie, bidden veelal dagelijks en lezen regelmatig uit de Bijbel. Ze zijn vaak actief betrokken bij de kerk, ze geloven echt!

De derde categorie jongeren in de Bethelkerk “gelooft het wel”, het maakt hen niet zo heel veel uit. Deze groep jongeren bidt en Bijbelleest relatief weinig en ongeveer de helft van hen is nog betrokken bij de kerk. Ja, ze geloven nog steeds wel dat God bestaat en dat Hij er voor hen is, maar dit speelt geen grote rol in hun leven.

Deze laatste groep intrigeert mij het meest. Het is blijkbaar mogelijk voor jongeren om in God te geloven, maar hier weinig tot geen consequenties aan te verbinden. Wel in God geloven, maar dit niet belangrijk vinden: Hoe kan dat?

Secularisatie
Een deel van het antwoord moet gezocht worden in het feit dat Nederland seculariseert. Godsdienstsocioloog prof. G. Dekker onderscheidt in Godsdienst en Samenleving drie niveaus van secularisatie:

1. Secularisatie als vermindering van godsdienstigheid van mensen
2. Secularisatie als beperking van de reikwijdte van de godsdienst
3. Secularisatie als aanpassing van de godsdienst (interne secularisatie)

Bij de jongeren die wel in God geloven, maar hier weinig mee bezig zijn, zijn het eerste en derde niveau van secularisatie duidelijk waar te nemen. Zij zijn minder godsdienstig (lezen weinig uit de Bijbel, bidden weinig en gaan minder naar de kerk) en hun geloof heeft zich aan de ontwikkelingen in de samenleving aangepast.

Vanuit de individualisatie bepalen zij in toenemende mate zelf hoe zij hun leven vormgeven. Het is niet zo dat de jongeren daardoor alles uit de religieuze tradities of de christelijke geloofsleer verwerpen, maar zij maken wel zelf een keuze wat ze belangrijk vinden. “En ze komen dan vooral uit bij de vrolijke, bemoedigende en beloftevolle kanten van de religie en veel minder bij christelijke opvattingen die de mens voorstellen als een zondig en zwak wezen, overgeleverd aan de genade van God.”  (God in Nederland, p. 179 –pdf-)

Moralistisch Therapeutisch Deïsme
Een onderzoek uit Amerika (In: Soul Searching) typeert het geloof van de meerderheid van de Amerikaanse jongeren als ‘moralistisch therapeutisch deïsme’. Het gaat er dan vooral om dat je aardig voor elkaar bent, dat het erom gaat dat je gelukkig bent en dat God niet constant aanwezig hoeft te zijn, alleen wanneer er een probleem is (Hier een uitgebreidere samenvatting in het Engels –pdf-). Dit is ook duidelijk terug te zien bij de jongeren in de Bethelkerk die wel geloven, maar hier niet veel mee bezig zijn. Zoals één van de jongeren zei:

“Ik bid niet veel, maar wel als iemand ziek is. Verder wijst het geloof me de goede weg op, qua normen en waarden. De kerk heb ik verder niet nodig, ik kan ook prima geloven zonder kerk.”

Dit sluit nauw aan bij de hierboven genoemde interne secularisatie.

De rol van de kerk
Het geloof in God is voor veel jongeren uit de Bethelkerk een bijzaak geworden, daarom ligt bij deze groep jongeren ook mijn grootste zorg. Ze blijven wel geloven in ‘God’, maar de betekenis daarvan is helemaal op hun eigen wereld afgestemd. Kritische vragen die opkomen zijn: Voor hoeverre geloven deze jongeren echt in God? Wat is de rol van de kerk hierin? In hoeverre versterken kerken het proces van interne secularisatie? Passen zij de inhoud aan, omdat ze de jongeren tegemoet willen komen? Omdat ze anders misschien niet meer komen? Veronderstellen zij niet langer enige voorkennis, leveren zij geen kritiek meer of doen zij niet langer claims omdat jongeren daar niet van houden?

Pogingen van kerken zijn wel goed bedoeld om jongeren te bereiken, maar kunnen daardoor te oppervlakkig worden. Geloven wordt dan nog een extraatje in het leven, in plaats van de basis.

Goedkope genade
Het boek Navolging van Dietrich Bonhoeffer inspireerde mij tijdens dit onderzoek omdat het een tegengeluid biedt ten opzichte van interne secularisatie. Bonhoeffer maakt korte metten met de ‘goedkope genade’ als doodsvijand van de kerk. Genade waarbij de zonde gerechtvaardigd wordt in plaats van de zondaar. ‘Goedkope genade betekent genade als leer, als principe, als systeem; betekent vergeving der zonden als algemene waarheid, betekent liefde van God als christelijk Godsidee.’ Goedkope genade roept niet op tot gehoorzaamheid, tot navolging.

Geloof is volgens Bonhoeffer vervolgens ‘simpelweg’ gehoorzaam zijn aan de roepstem van Christus om Hem te volgen. Volg Mij na, loop achter Mij aan, dat is alles. Waarheen de weg leidt, dat weet je niet, maar wel dat het een goede weg zal zijn. Sterker nog, volgens Bonhoeffer is navolging vreugde. Er is maar één reden om Hem te volgen en dat is Jezus Christus Zelf. Hij is het die roept en daarom volgen zoveel mensen in het Nieuwe Testament Hem na. Maar weten en voelen de jongeren om ons heen zich ook door Jezus geroepen? Durven kerken hen nog kritisch te bevragen op hun gehoorzaamheid?

Ook hier is Bonhoeffer bijzonder scherp: als er iets is dat de jongeren niet aan Jezus willen onderwerpen, hun (zondige) verlangens, hun toekomstplannen, hun verstand, dan moeten ze niet verbaasd zijn als ze de Heilige Geest niet ontvangen. Dit geluid staat haaks op het moralistisch therapeutisch deïsme. Jezus vraagt om het hele leven van de jongeren. Hun bereidheid om alles los te laten en aan Jezus alleen genoeg te hebben. De kerk staat voor de mooie (en moeilijke) taak om jongeren te helpen om Jezus opdracht te horen en te gehoorzamen. ‘Wees dan navolgers van God, als geliefde kinderen.’ (Ef. 5:1)

De maakbaarheid van geloof
Het ‘gewoon’ gehoorzamen blijkt in de praktijk wel lastig en complex te zijn. Gezien de sociologische en culturele ontwikkelingen lijkt het soms logischer om niet te geloven, dan wel. Het blijft dan ook steeds weer een wonder hoe jongeren geraakt worden door het evangelie van Christus. Het geloof is een gave van God, hoewel het handelen van de jongeren daarmee nog niet buitenspel worden gezet. Van de Beek geeft (in Is God terug?)aan dat de meest simpele formulering is: ‘Ik ben aangeraakt door Jezus en Hij laat mij niet meer los.’

Verantwoording
De christelijk gereformeerde Bethelkerk in Veenendaal heeft ruim tweehonderd jongeren tussen 17 en 23 jaar oud. Voor mijn afstuderen deed ik onderzoek naar de betrokkenheid van deze jongeren op kerk en geloof, waarvoor ik een enquête, literatuurstudie en kwalitatieve interviews gebruikte.

Door Evert te Winkel

Initiatiefnemer van Vrijzinnig Evangelisch. Ooit een wat zurige bijna-ex-evangelische, inmiddels opbouwend-kritisch evangelisch. Probeert aardiger te zijn.

1 reactie op “Geloven zonder consequenties”

Interessant verhaal Esther. Ik probeer mij momenteel een beetje te verdiepen in het fenomeen Geloven 2.0. De geloofsoverdracht in een bekende kerk als die in Drachten is blijkbaar ook niet zo heel geweldig.
Ik kan me voorstellen dat Bonhoeffer jou inspireert, maar heb je dat boek ook aan die jongeren van je onderzoek laten lezen? En, werkt het? Persoonlijk denk ik dat een intellectuele dominee uit de tweede wereldoorlog niet zo inspirerend is voor deze jongelui. Wie of wat wel weet ik ook niet. En waarom wordt genade in bepaalde kringen altijd in verband gebracht met die ‘goedkope genade’. Klinkt ook weer zo ingewikkeld. Zou navolging werkelijk het ei van Columbus zijn? Wat is dat dan precies? Een vorm van aktivistisch christendom? Je geeft interessante aanzetten, maar ik mis wel een paar concrete praktijkvoorbeelden waar de gewenste vernieuwing herkenbaar heeft doorgezet, dan wel kan worden doorgezet.