Categorieën
Media

Een kleine verdediging van Trouw

Zat Trouw fout? Wat ik nu weet of meen te weten laat de balans inderdaad enigszins naar ‘ja’ overhellen. Het artikel van dinsdag 14 mei op de Religie&Filosofie-pagina met de kop Huwelijkscursus niet voor homo’s, feitelijk onjuist legt de geïnterviewde ds. Florimco van der Rhee uit op zijn blog, bevat een aantal storende elementen, naast in de kop ook in de laatste alinea. Overigens is het slechts een tamelijk onbelangrijke fout, die niet plotsklaps de betrouwbaarheid van een krant als Trouw teniet doet.

Evert te Winkel

Dat deze fouten niets te maken hebben met ‘oude media’, zoals deze tweet suggereert:

en dat er geen reden is Trouw niet meer als een kwaliteitskrant te betitelen, zoals een ander doet

dat komt later in dit artikel aan de orde. Gelijk roepen dat Trouw voor de rechter gesleept moet worden lijkt me helemaal overdreven. Dat rectificatie op zijn plaats is lijkt me evident, maar bij plaatsing van dit artikel heb ik de krant van vanochtend nog niet ingezien. Het is dus heel goed mogelijk, en dat hoop ik van harte, dat Trouw al gerectificeerd heeft voordat ik daarom vraag (hoewel ik er via Twitter ook al op aangedrongen had). We zullen zien.

Het artikel
Het grootste deel van het artikel is erg goed: de eerste alinea introduceert de probleemstelling (‘net terug van huwelijksreis, en dan?’) en presenteert gelijk de insteek van het artikel: de huwelijkscursus. De tweede alinea introduceert een deelnemend echtpaar dat bereid is hierover te vertellen en die, met hun anekdotes, het verhaal verlevendigen. Volgens het boekje, dus. In de daarop volgende alinea’s geeft schrijver Sanne Hoving achtergrondinformatie (3), introduceert de initiatiefnemer (4), gebruikt de openheid van het echtpaar (5) als bruggetje naar de opvattingen over de tijdgeest van nu volgens Van der Rhee (6). So far, so good.

De zevende alinea is een schoolvoorbeeld van hoe ik dat in een artikel het allerliefst zie: Het beeld over de tijdgeest dat geschetst wordt, wordt door een andere relatiecoach bevestigd en het aspect relatie wordt verder uitgewerkt. Dat maakt een artikel informatiever, leesbaarder en meer bronnen verkleint de afhankelijkheid van specifieke bronnen die er belang bij hebben (toegevoegd 15 mei 10:35). Echt heel goed dus. De achtste alinea is een introductie van deze relatiecoach, iets minder interessant, waarna het in de negende en laatste alinea mis gaat.

“Maar voor bijvoorbeeld homostellen zal de cursus niet gemakkelijk zijn”, zegt het artikel. Dit is geen citaat. Aan wat voor andere stellen ik moet denken die voor wie het niet gemakkelijk zou zijn, homostellen zijn tenslotte slechts een voorbeeld, maakt het niet duidelijk. Waar vermoedelijk op gedoeld wordt is het citaat kort daarna van Van der Rhee: “We gaan uit van de bijbelse visie op het huwelijk en dat is een verbintenis tussen man en vrouw. Dat kan confronterend zijn voor homostellen.” Dat dit confronterend kan zijn, dat lijkt me nogal een open deur. Zoals ook de thema’s seksualiteit en gezinsvorming (paragraaf 3) confronterend kunnen zijn voor homostellen, neem ik aan. Maar zal de cursus dan niet gemakkelijk zijn voor homostellen?

Alleen al uit een aantal van de thema’s blijkt dat de cursus gericht is op wat men wel het traditionele huwelijk noemt, hoewel veelwijverij natuurlijk veel traditioneler is. Je zou kunnen zeggen dat een homoseksueel stel er niets te zoeken heeft, maar met die opmerking in het achterhoofd valt op dat Van der Rhee juist veel ruimte geeft voor homoseksuelen: “In de cursus komen thema’s aan de orde…”, ik zou hier zelf bijvoorbeeld bij denken aan het thema communicatie, “…die voor elke vorm van relatie van belang kunnen zijn. Maar wanneer een homostel zich aanmeldt, zou ik eerst een voorbereidend gesprek willen voeren.”

Alleen dat zinnetje er tussen is nogal problematisch: “Hoe erg de predikant het ook vindt, hij gunt de homo’s toch een kans.” Van der Rhee komt er niet helemaal uit wat met deze zin bedoeld wordt en ook ik tast in het duister:

“Wat vind ik eigenlijk erg? Ik weet het niet. Vind ik het erg dat homo’s bestaan? Nee. Vind ik het erg dat homo’s trouwen? Vanuit Bijbels perspectief denk ik dat een huwelijk tussen man en vrouw de geëigende samenlevingsvorm is. Maar erg? Dat is nou niet bepaald het woord dat ik zou kiezen. Het is een maatschappelijk gegeven. Vind ik het erg dat onze kerken geen homohuwelijken bevestigen? Nee, zie opmerking hierboven over het Bijbels perspectief.”

Ethiek
Het is niet onbegrijpelijk dat een journalist probeert een bruggetje te maken tussen twee opmerkingen in een interview, zeker als deze opmerkingen intuïtief onvoldoende samenhangen. Hier is dat slordig gebeurd, er is klaarblijkelijk sterk geïnterpreteerd wat betreft de emoties van Van der Rhee rond homoseksualiteit, zonder dat deze interpretatie op enige wijze onderbouwd is. Op Twitter verwees ik al naar The Oregon code of ethics, paragraaf 4a: “We will endeavor to avoid the injustice that springs from hasty conclusion in editorial or reportorial or interpretative practice.” Vertaling: We zullen ons inzetten om het onrecht dat voortkomt uit overhaaste conclusies in de redactionele, verslaggevende of interpretatieve praktijk te voorkomen (overigens is 1b ook zeer bruikbaar in deze context). Zou Trouw zich aan deze code, die uit 1922 stamt, houden, dan waren zij bij dit artikel behoorlijk door de mand gevallen.

Trouw houdt zich niet aan deze code en hoeft dat ook niet. Maar het lijkt me goed als Trouw zich in ieder geval aan de ethische regels in haar eigen Schrijfboek zou houden: “De lezer moet er niet alleen op kunnen vertrouwen dat de feiten kloppen en dat elk artikel… de werkelijkheid zo goed mogelijk weergeeft, maar ook dat je in de duiding van feiten oprecht bent en ruimte laat voor verschillende zienswijzen”, schijft het eerste artikel bijvoorbeeld voor.

Artikel vier: “Je moet fouten durven erkennen en ze snel en royaal rechtzetten. Betrouwbaarheid en zorgvuldigheid zijn je belangrijkste troeven.” Ik neem aan dat deze ochtend in de krant terug te zien, anders morgen.

Waar Trouw helder over is in het Schrijfboek is dat inzage vooraf geen vetorecht geeft. Dat is heel goed, uiteindelijk is de journalist verantwoordelijk voor het verhaal, niet de geïnterviewde. Ik neem aan dat hier afspraken over gemaakt zijn. Wat ik begrijp uit het artikel, maar nog belangrijker: uit het naschrift, is dat allemaal in goed overleg gegaan.

Waar ging het mis?
In een naschrift meldt Van der Rhee dat de journaliste, Sanne Hoving, haar excuses heeft aangeboden en dat zij de schuld bij de eindredactie legt:

“Naschrift: de betreffende journaliste, Sanne Hoving, heeft inmiddels haar excuses gemaakt voor de weergave van het artikel. […] Zoals ik al vermoedde, blijkt het artikel door anderen op de redactie te zijn aangepast en werd de kop verzonnen door de eindredactie. Bovenstaande opmerkingen gelden dus niet zozeer de journaliste, als wel het dagblad Trouw.”

Ik weet niet of Sanne Hoving, naar het lijkt geen erg actief twitteraar, hier zo gemakkelijk mee wegkomt, in de veronderstelling dat Van der Rhee de woorden van Hoving goed weergeeft. Mijn ervaring is dat eindredacteuren de meeste wijzigingen overleggen met de desbetreffende redacteur. Nu is Sanne Hoving, ik neem aan dat haar LinkedIn-account correct is, stagiair bij Trouw, ze had dus gewoon om overleg moeten vragen. Daar heeft ze tenslotte ook een stagebegeleider voor.

Dat eindredactie soms eerder een probleem dan een oplossing is, weet ik uit ervaring. Er zijn weleens foutjes in mijn artikelen geslopen doordat de eindredactie onheldere zinnen van mij helderder wilden maken (terecht!), maar mijn onheldere zin verkeerd interpreteerden, waardoor de onheldere zin een onjuiste zin werd. Overigens heb ik ook weleens in goed overleg met eindredactie aan een artikel gesleuteld, waarbij deze artikelen ook daadwerkelijk veel beter werden. Dat heeft allemaal te maken met de kwaliteit van de eindredactie en de afstand tot de deadline. En foutjes sluipen er altijd wel in.

Wat helder is: Zowel de auteur als de publicist, dus de journalist en de krant, blijven te allen tijde verantwoordelijk voor de artikelen. Daarmee is dus ook Sanne Hoving verantwoordelijk, die verantwoordelijkheid kan zij niet ontlopen.

Het naschrift maakt weliswaar duidelijk dat zij de kop niet geschreven heeft, maar over het ‘hoe erg de predikant dit ook vindt…’ zegt het niets helders. Ja, er is door de redactie aan het artikel gesleuteld. Zijn er soms spelfouten uitgehaald? Is de volgorde verbeterd? Zijn er zinnen van de passieve vorm in de actieve vorm omgezet? Dat zijn allemaal volstrekt geoorloofde en nuttige wijzigingen. Wie het meesterbrein is achter ‘erg’ weten we echter nog steeds niet. Beter gezegd, als het naschrift Sanne Hoving’s woorden goed weergeeft, dan lijkt haar verdediging wel erg sterk op een ‘non-denying denial’. Ik wil vanzelfsprekend niet flauw doen, het gaat mij om het idee: Het naschrift brengt ons, buiten de informatie over wie de kop geschreven heeft, niets verder.

De kop
De kop hoort niet thuis boven dit artikel, dat is misschien nog wel het meest treurig van dit verhaal. Grofweg kan je stellen dat het artikel, zoals dat in de krant staat, uitlegt wat de cursus is, (alinea 1-3), het succes van de cursus (alinea 4-7), alinea 8 valt er een klein beetje buiten binnen deze indeling, en alinea 9 vertelt dat iedereen welkom is bij de cursus, hoewel Van der Rhee met homoseksuele stellen wel eerst een gesprek wil. Conclusie blijft: Iedereen is welkom. De kop: Niet voor homo’s. Ik denk niet dat een boek voor argumentatieleer, ik heb toevallig Logisch denken van Emmet en Argument & tegenargument van Schellens en Verhoeven in de kast staan, nodig is om te zien dat deze beide stellingen nogal tegenstrijdig zijn.

Een goede koppenmaker kan in een kop het verhaal adequaat samenvatten op een manier die interesse wekt om het verhaal te lezen, het is vaak goed als dit niet de journalist zelf is omdat die teveel in het verhaal zit. Om die interesse van de lezer te bereiken moet een kop ook opvallend zijn.

Tegenwoordig is het de vraag of deze kop nog opvallend is, hoewel koppen met ‘seks’ of ‘homo’ erin in ieder geval op internet vaker worden aangeklikt, heb ik de indruk dat er ook wel enigszins een ‘homomoeheid’ begint op te treden. Niet zozeer dat men moe is van homoseksuelen, die indruk heb ik totaal niet, maar dat moderniteit van religie slechts wordt afgemeten aan het homostandpunt. De regelmatige lezer van Trouw zal bij dit artikel doorbladeren, want over conservatieven die tegen homo’s zouden zijn hebben ze al zo vaak gelezen.

Belangrijker is dat deze kop het artikel op geen enkele wijze adequaat samenvat. Weliswaar gaat het over een huwelijkscursus, maar het gaat nauwelijks over homoseksualiteit of huwelijkscursussen voor homo’s. Het gaat over huwelijkscursussen voor stellen. De kop faalt dus volledig.

Kwaliteitskrant
De kop is dus tegenstrijdig aan het artikel, het voor de rest goede artikel wordt ontsierd door ‘hoe erg de predikant het ook vindt’, waarbij het erop lijkt dat op onaanvaardbare wijze geïnterpreteerd is, zowel krant als journalist dragen hierbij verantwoordelijkheid en het lijkt goed als Trouw zich aan haar eigen ethische richtlijnen houdt en rectificeert.

Dan de bewering dat Trouw geen kwaliteitskrant is. Die bewering, hoe onbenullig ook, verdient weerwoord. Trouw heeft over het algemeen artikelen van voldoende intellectueel niveau –de krant is duidelijk gericht op een hoger opgeleid publiek -, grote feitelijke onjuistheden staan er niet vaak in en het nieuws is niet vaak sensationalistisch, helaas komt het af en toe wel voor. Iedere vergelijking met ‘yellow press’ en dergelijke journalistiek is volstrekt misplaatst. Fouten maakt iedereen en zijn niet te voorkomen, zeker niet voor een krant die met een kleine redactie dagelijks een krant vult: een hele prestatie, weet ik uit ervaring. Als krantenlezer is het moeilijk in te schatten hoeveel werk en organisatie er steekt in het maken van een dagelijkse krant.

Dat er dus fouten gemaakt worden is iets waar mild mee omgegaan mag en moet worden. Welwillendheid wordt gevraagd van de lezer voor de krant en van de krant voor de besproken en geïnterviewde personen. De vraag is niet of een krant feilbaar is of niet, de vraag is of een krant goed verantwoording aflegt van haar fouten. Trouw heeft een traditie van uitstekende verantwoording over haar fouten. Ik heb nog een Brief van de hoofdredactie van Willem Schoonen liggen met de titel: ‘Een schaduw op onze geschiedenis’, waarin hij verantwoording aflegt over het standpunt van Trouw over de oorlog in toenmalig Nederlands-Indië. Hulde daarvoor. Ik ga er vanuit dat Trouw ook in dit geval, weliswaar van veel kleiner belang dan de oorlog in Nederlands-Indië, verantwoording zal afleggen. Ik zie ernaar uit.

»«

Naschrift, direct bij publicatie: Ik vermoed dat ik Sanne Hoving moet feliciteren. Mogen werken voor het mooiste stukje van mijn favoriete Nederlandse krant: ik ben jaloers. Succes met jouw stage bij Trouw!

» geplaatst: 15 mei 2013, 07.00 uur

Naschrift, 15 mei 2013, 10:25 uur. Inmiddels de krant doorgebladerd, geen rectificatie of anderszins verantwoording gezien. Ik neem aan dat dit nog komt.

»«

Naschrift 2, 15 mei 2013 om 16:08 uur: Een aantal slordigheidjes die ik eerder niet gezien had verwijderd:
Alinea 3: “De tweede … verhaal verlevendigen.” Verwijderd: ‘door’
Alinea 9: “Zou Trouw … mand gevallen”. ‘man’ vervangen door ‘mand’
Alinea 15: “Ik weet…goed weergeeft.” Origineel: ‘zo hier gemakkelijk mee wegkomt’, vervangen door: ‘hier zo gemakkelijk mee wegkomt’.
Alinea 18: “Beter gezegd … ‘non-denying denial’.” Toegevoegd: ’s woorden

»«

Naschrift 3: 17 mei 2013 om 11:30 uur. Trouw heeft inderdaad gerectificeerd, waar ik een klein berichtje met complimenten aan wijd. Hier de tekst van de rectificatie en het commentaar van Van der Rhee.

Door Evert te Winkel

Initiatiefnemer van Vrijzinnig Evangelisch. Ooit een wat zurige bijna-ex-evangelische, inmiddels opbouwend-kritisch evangelisch. Probeert aardiger te zijn.

5 reacties op “Een kleine verdediging van Trouw”

@Alex
Ik beschouw welwillendheid als een compliment. Dat ik mij verbaasd heb over de berichtgeving over Different en inderdaad weleens de indruk heb dat bij Trouw de maatstaf voor moderniteit van religie slechts het homostandpunt is, dat verandert daar niet veel aan. Ik vermoed dat dit een soort blinde vlek is die veel te maken heeft met de geschiedenis van Trouw, die in de reformatorische traditie gezocht moet worden.

Ik had daar meer op in kunnen gaan, ik meen namelijk dat Trouw trots is de ‘conservatieve veren’ te hebben afgeschud. Ik ben alleen bang dat ik dat onvoldoende zou kunnen onderbouwen. Daarnaast, en daarin ben ik het met Van der Rhee eens, is er weinig reden tot het bashen van Trouw. Het is over het algemeen een goede krant, ik lees deze erg graag, alleen vliegt deze soms wat uit de bocht. Wat dat betreft zou het volgens mij schelen als Trouw de krant dunner maakte, zodat de redacteuren meer tijd hebben elkaars werk kritisch te beoordelen. Zou voor mij als lezer ook schelen.

Ach ja. Ongetwijfeld leert Trouw van deze affaire. Ik hoop in ieder geval dat dit hen een spiegel voorhoudt en dat zij hiervan leren. Progressiviteit is niet iets om trots op te zijn als dit gepaard gaat met oogkleppen. Dat geldt weleens voor Trouw. Maar ik moet daar wel mild naar zijn, want ik heb ook verschillende keren gemerkt dat ik op vele gebieden oogkleppen draag.

Je bent inderdaad behoorlijk welwillend richting Trouw. Je reconstrueert aardig *hoe* deze “fout” tot stand heeft kunnen komen. Maar de kernvraag is m.i. *waarom* dit gebeurd is. Daarom zet ik “fout” ook tussen aanhalingstekens.

Het waarom zit in wat je zelf al schrijft:

“…maar dat moderniteit van religie slechts wordt afgemeten aan het homostandpunt. De regelmatige lezer van Trouw zal bij dit artikel doorbladeren, want over conservatieven die tegen homo’s zouden zijn hebben ze al zo vaak gelezen.”

Ik interpreteer dit andersom. Elke krantenredactie bedient een bepaald publiek dat graag het eigen gelijk bevestigd leest in de krant. De Religie & Filosofie-redactie van Trouw bedient precies het publiek dat “de moderniteit van religie slechts afmeet aan het homostandpunt”.

De grens tussen journalistiek en activisme is bij deze club al lang en breed uit het zicht verdwenen. Ik verwijs slechts naar de hetze tegen Different. Die werd vanaf de Trouw-pagina’s nog quasi-journalistiek gevoerd. Maar wie simultaan ook het twitteraccount van de betreffende journaliste volgde (of het eigen redactieaccount @TrouwRelFil), hoeft geen twijfel te hebben over de achterliggende activistische agenda.

Ik zie in dit artikel dus weinig meer dan een ‘rehash’ van de geliefde hobby van deze redactie om de amoderniteit van religie aan te tonen aan de hand van het eigen homo-stokpaardje. Daarvoor werd deze predikant, en mogelijk ook deze stagiaire, voor het karretje gespannen.

Ben ik achterdochtig? Misschien wel, maar naast homo’s hebben ook heteroseksuele stellen die samenwonen wellicht ‘moeite’ met de ‘Bijbelse visie op seksualiteit’ die in de cursus wordt uitgedragen. Die groep is bovendien veel groter. Op enige compassie voor hun ‘moeite’ is Trouw echter niet te betrappen. De krant heeft voor mij dus inderdaad het nadeel van de twijfel als het gaat om dit onderwerp.

Trouw is een kleine krant, ik denk niet dat je die deelredacties teveel als eilanden moet zien. Ik denk dus dat deze group-think, als die er daadwerkelijk is, onderdeel is van de hele krant. En journalistiek en activisme lopen áltijd door elkaar, zou ik als journalist zeggen 😉

Eens hoor. Ik heb het dan ook heel specifiek over één deelredactie, waar misschien een bepaalde “group think” heerst die onvoldoende wordt gecorrigeerd door de eind- of hoofdredactie – met als netto resultaat dat journalistiek en activisme door elkaar gaan lopen. Ik had het zeker niet over de krant als geheel.